Genealogieonderzoek van drie neven
tijdens de 2e wereldoorlog


DEEL 2
om terug te keren naar deel 1: klik hier



21-6-1944

De gegevens blijven in die tijd toch gestaag binnendruppelen. Mevrouw N.J. Bijvoet - de Jong schreef het volgende:

 

 

24-6-1944

 

 

 

Arnold is spoorslags naar Den Haag getogen en heeft daar blijkbaar hele teksten over zitten schrijven. Wat zijn wij dan verwend met kopieermachines en scanners. Omdat het een moeilijk leesbaar "doorslag" (zo heette dat toch in die tijd) betreft, is de tekst hier als miniatuur weergegeven. Even klikken en de tekst kan net zo groot beken worden als u wilt.

 

Wat de neven waarschijnlijk in hun tijd niet wisten is, dat deze Jan Paulusz. Bijvoet behoort tot hun eigen familietak (Dierick Beyvoets). De neven meenden nog dat we uit Alkmaar kwamen. Pas in 2000 of zo, hebben we in overleg met Luca Hofstee een link gevonden via Jan Paulusz. Bijvoet in Spanbroek naar Dierick Beyvoets in Neerpelt. In de literatuur over de emigratie vanuit Neerpelt naar de Noordelijke Nederlanden wordt ook Spanbroek genoemd als plaats van vestiging.

 


In de correspondentie werd ook een tekening gevonden van een familiewapen. De afmetingen van de tekening zijn: 21 bij 13,5 cm.
Bij deze tekening bevindt zich de volgende brief uit 1944 van een van de neven.

Mijn eigen familie kennende, trek ik uit dit schrijven op persoonlijke titel de conclusie dat dit familiewapen een 1 April grap is geweest. Toch gebruiken we het als versiering op het "briefpapier" van onze website. De kleurtjes zijn wel mooi daarvoor.

 

 

 

 

 

 

 

26-6-1944

Daarna deed ook Gerrit Pieter Bijvoet een duit in het zakje met de volgende brief:

 


 

27-6-1944

 

Deze brief van Arnold aan Jan Bijvoet betreft het maken van een foto van een schilderij genaamd "de bleek". Het schilderij hing blijkbaar bij Han Bijvoet aan de muur. Zou dit het schilderij zijn wat ook voorkomt in het boekje van Wim Post; "De bleekersfamilie Bijvoet"? Het zou fijn zijn als iemand kan uitzoeken waar dit schilderij gebleven is. Het is de moeite waard om weer eens een foto te maken  en op te nemen in onze (nog niet van de grond gekomen) afdeling Objectbeheer.

 

28-6-1944

 

De productie van de drie neven was behoorlijk. Ze moeten er bijna dagelijks mee bezig geweest zijn. Grappig is dat bijna elke brief weer een nieuw gegeven oplevert. Wij krijgen nieuwe gegevens van individuen hoogstens een keer per kwartaal. Deze brief van Mr. Dr. F.A. Bijvoet handelt over een echtscheidingsprocedure van Maria Catharina Bijvoet, tegenover een zekere Van der Waa.


2-7-1944

 

Ook de ons ondertussen bekende J.J. Bijvoet komt weer met een briefje bevattend een nieuw gegeven. Het betreft de aankondiging van een notaris in de krant dat mandenmaker Klaas bijvoet geen familie was van "oom Jaap".

 

3-7-1944

 

Deze brief van Jaap aan Arnold bevat deze keer meer de "activiteiten" van de handelsbekwame drie neven. Wat zijn dat voor "collecties" die Jaap voor Arnold had gemaakt? Verder zit er ook weer wat handel in de bloembollen, want ze spreken elkaar op "de beurs" wel weer.
De genealogie komt bijna alleen in een "PS" aan bod met een verzuchting van Jaap: "Die kerel uit de Rijp blijft zwijgen!! Hij is zeker aan het hooien".

De correspondentie begint zich te lezen als een roman. Blijf lezen, want de ontknoping moet nog komen.

19-7-1944

 

 

 

22-7-1944

 

 

 

 

Voor de liefhebbers van wapens in onze familie volgt hier het briefje van het Atelier voor heraldische kunst W.J.D. Posthumus. Hiervan ook een aantekening gemaakt in het artikel over alle wapens in de familie.

 

 

 


 

 

 

 

 

 

24-7-1944

In dit artikel heb ik niet opgenomen een brief van tante Thé. De naam tante Thé heb ik wel eens horen noemen toen ik nog op Schoonoord kwam.

 

Kopie van de brief heb ik in december 2004 aan Jan Eldering gezonden (Schoorl). Jan heeft de brief overgetypt, en deze luidt dan als volgt:

Nijmegen, 24 Juli 1944

 

Beste Jaap, (1)

 

Toen je brief kwam, was mijn eerste gedachte, dat jullie moest evacueren en bij mij een goed heenkomen kwam zoeken. Nu: ’t was zo geweest we hadden het wel klaar gespeeld hier. Jullie daar zo vlak aan de kust kunnen altijd nog voor verrassingen komen. Gelukkig dat jullie het allen goed maken. Wij gelukkig ook.

 

Nu over die “stamboek” questie. Mogelijk kan ik je iets vertellen waar je bij je naspeuringen wel iets kan hebben, n.l. dit: Jaren geleden, ik was nog thuis op Tetterode, kregen wij eens bezoek van Gerrit van Dieren-Bijvoet die om gegevens kwam omdat hij bezig was een stamboek te maken (2). Later hoorde ik dat hij het heel mooi voor elkaar had gekregen. Die Gerrit is nu al jaren dood maar mogelijk heeft zijn zuster Truus nog. Die is getrouwd en woonde destijds meen ik in Utrecht. Als oude nicht van Meeuwen geboren van Dieren-Bijvoet nog leeft zal die wel weten waar die Truus woont. Me dunkt die zal die stamboom wel hebben.

 

In Utrecht wonen nog wel andere van Dieren-Bijvoeten van diezelfde tak die het ook wel zullen weten. Die oude nicht van Meeuwen, weduwe van Gerrit van Meeuwen moet ergens bij de geevacueerde Duinrust Zusters te vinden zijn. Zij was een tante van Gerrit, en Gerrit’s moeder heette van Rijn.

 

Die Nijmeegse Mr. Bijvoet (3) van de Brabantsche tak ken ik niet. Ik meen ook nog te herinneren dat die over die afstam questie ook eens op Tetterode zijn geweest en er geen gemeenschap ontdekt is. Maar ik geloof nooit dat wij van hen afstammen hetzij (en dit zou heel toevallig zijn) ze eeuwen bij de duinen woonden.

 

Je weet toch dat dit Arthemis een duinkruid is, ik meen zelfs een andere naam voor St. Janskruid. Onze familie moet dus in Kennemerland zijn oorsprong zoeken. Het zal dus wel net andersom zijn.

Toen ik als meisje in Brussel op kostschool was, was daar een non die ook Bijvoet heette. Maar waar ze vandaan kwam weet ik niet. Als je van die andere Bijvoeten iets wil weten, moet je Jan in de arm nemen die kent hier iedereen.

Er was ook nog een tweede pater Bijvoet op ’t Canisius. Die zal je dus meer kunnen vertellen als ik.

Van dat familiewapen heb ik ook wel eens iets gehoord. Als dit zo is dan heeft die Gerrit van Dieren ’t stellig wel opgerakeld.

 

Nu Jaap dit is al wat ik weet. Ik hoop dat je bij je naspeuringen hier of daar nog een onverdeelde erfenis tegenkomt. We zitten hier nog steeds op ??? en verder is er geen nieuws.

 

Hartelijke groeten aan Netty  (4) en je buren, ook van Stan, Je toegen. tante Thé

 

Hieronder geboortedata van Stanny en Ewald

Stanny = Constance 10 Juni 1915 Apeldoorn

Ewald 27 Januari 1914 Apeldoorn

 

1) Jacob Henricus Cornelius Bijvoet, een van de drie neven die op Schoonoord woonde.

2) Georgius Johannes Antonius van Dieren-Bijvoet (1856-1893)

3) Mogelijk Luca Hofstee in het kader van het samenstellen van de stamboom.

4) Netty = Antoinette Marie Celeste Roozen, vrouw van voornoemde neef.

 

Jan Eldering wist nog te melden dat het hier Thé Reniers betrof, geboren in Nijmegen. Toen zij deze brief schreef was zij weduwe van Henri (Hak) Eldering.

Onbekend is wat zij dan bedoelde met "....thuis op Tetterode......". In die tijd woonde toch de familie Bijvoet op Tetterode? Gerrit Van Dieren-Bijvoet kwam toch ook daar op bezoek om over de genealogie van de familie Bijvoet te praten?

 

 

14-2-1945

Deze brief van Jaap aan Arnold bespreekt de erfeniskwestie van Poulisz Bijvoet uit Spanbroek. Het desbetreffende testament vinden zij belangrijk omdat er zoveel namen en data in worden genoemd. De neven hadden toen al in de gaten dat dit een van de oudste gegevens betrof van de familie in Noord Holland.
 

Verder wordt gesproken over Lambertus Bijvoet (ook zo'n familielid van het eerste uur) als peter over kinderen van Jan Broere en Margaretha Bijvoet.

 

5-5-1945 - Bevrijdingsdag

 

Het einde van de tweede wereldoorlog. De brief begint dan ook met gelukwensen voor dit heuglijke feit. Verder is de brief meer persoonlijk.  Aan de orde dat Jaap eigenlijk wil gaan verhuizen; weg van Schoonoord, het huis waar zovele Bijvoeten uit het bloembollenvak gewoond hebben. Als neefje van Oom Jaap weet ik dat hij er nog vele jaren is blijven wonen, want anders had ik huize Schoonoord nooit van binnen gezien.

 

 

 

11-9-1945

 

 

 

22-3-1946

De oorlog is voorbij en het werk neemt blijkbaar sterk toe, want de correspondentie wordt dunner. Het papier wordt weer iets luxer met franjes, of Jaap heeft wat briefpapier van zijn echtgenote gebruikt.

 

 

15-5-1946

 

Jaap heeft wat afgepend in al die jaren. Leuk is om zijn handschrift van 1946 te vergelijken met zijn handschrift van drie jaar geleden. Ondertussen is ook duidelijk dat de brieven van Jaap wat meer verhalend zijn, terwijl de brieven Arnold meer kort en zakelijk zijn (en meestal getypt).
In deze brief is weer sprake van mevrouw Regtdoorzee als een ras speurder. Mogelijk dat zij ook "archief" heeft nagelaten wat wij ooit nog eens kunnen inzien.

 

 

 

Juni 1946

 

 

 

12-6-1946

 

Deze brief van Jaap aan Arnold is een hele discussie of mevrouw Regtdoorzee het wel bij het rechte eind had. Je moet er echt voor gaan zitten om hier een touw aan vast te kunnen knopen. Ook hier weer verbazend hoe ze hele theorieën in een brief vastleggen.

 

 

17-6-1946

 

In het archief van de correspondentie zitten af en toe nog bijbehorende enveloppen. Boze tongen beweren dat sommige brieven nooit geopend zijn geweest.

 

 

 

 

 

26-9-1947

 

De correspondentie wordt al minder frequent. Wel zijn een paar tussenliggende brieven weggelaten Mogelijk neemt het enthousiasme voor de genealogie af, maar waarschijnlijker is dat prioriteit wordt gegeven om vruchten te plukken van een aantrekkende economie.

 

In deze brief wordt met een schuin oog gekeken naar onze familie in Spanbroek en Opmeer. Kenmerkend is de volgende zin: "In het Prov. Arch. zijn anders een massa oude doopboeken uit N-Holland, het meeste pak je daar zelf maar!". Bedoeld wordt hier het Provinciaal Archief in Haarlem. Voordat nu iemand enthousiast naar Haarlem trekt is het wenselijk te onderzoeken (kan via Internet) waar deze doopboeken tegenwoordig gearchiveerd zijn.

 

En verder de voorspellende zin:

"Dit over ons familieonderzoek, waarvan ik denk, dat we via Noord-Holland in Belg. Limburg terecht zullen komen."

 

 

12-8-1948

 

Nu eens geen brief, maar het resultaat van het snuffelen in het Provinciaal Archief in de boeken van de plaats Opmeer.
Ook het doop- en trouwboek van Overveen, en het Begrafenisboek van Bloemendaal werd doorgesnuffeld, waarmee de tak van Nicolaas Bijvoet x Helena Snijders volledig kon worden samengesteld.

 

 

november 1948

 

Een vervolg op het snuffelen door Jaap Bijvoet in het provinciaal Archief betreffende de tak van Nicolaas Bijvoet x Helena Snijders.
Tevens werden door Jaap verder de boeken van Opmeer en Spanbroek bestudeerd, omdat hij meende een link te ruiken tussen Zuid- en Noord-Holland aan de hand van de processtukken van Jan Poulisz. Bijvoet uit Spanbroek.

 

 

31-1-1958

 

Nu gaat het wel met hele grote sprongen. We schrijven 10 jaar later! Het betreft een brief van de Gemeentelijke Archiefdienst te Amsterdam.

 

 

 

3-4-1958

 

Voor de verandering eens een brief van Arnold aan Jaap. Weer is duidelijk te merken dat we jaren verder zijn. De groene doorslagen zijn verdwenen.

 

 

 

11-6-1958

 

We eindigen deze bloemlezing uit de correspondentie van de drie neven met een brief van een vierde neef, namelijk van Luca Hofstee. De brief is gericht aan Arnold Bijvoet, Haarlemmerstraat 31 te Hillegom. Luca Hofstee woonde toen in de Generaal Spoorlaan 185 in Rijswijk. Deze brief is opgenomen omdat de correspondentie van de drie neven uiteindelijk resulteerde in de publicatie van de stamboom in een uitgave van het Nederlands Patriciaat door het Centraal Bureau voor Genealogie te Den Haag.

 

 

 

De verdere tekst van de brief  van Luca Hofstee is te lezen via nevenstaande miniaturen.

 

 

 

 

 

 

Eigenlijk vormt Luca Hofstee de verbindingsschakel tussen het genealogische onderzoek van de drie neven tijdens de tweede wereldoorlog en het werk van de Bijvoet & Byvoet Stichting vanaf ongeveer begin 21e eeuw.

 

 

Tot slot

 

Hiermee is de bloemlezing ten einde. Ik heb genoten van het lezen van deze correspondentie.
en hoop dat ook de publicatie van deze correspondentie op onze website veel plezier zal geven aan de geïnteresseerden.

Uit deze correspondentie van de drie neven kunnen in principe twee vervolgtaken voor de leden van de Stichting worden afgeleid:

  • Alle feitelijke gegevens van deze familietak zijn door Luca Hofstee opgenomen in zijn publicatie in het blauwe boekje. Deze gegevens zijn daarna onverkort overgenomen in onze bestanden. Toch kunnen nog heel wat secundaire gegevens (peter- en meterschap, beroepen, enzovoorts) uit deze correspondentie worden gelicht en opgenomen bij de desbetreffende personen in de stamboom.

  • De correspondentie van de drie neven gaat heel vaak over familieleden in Noord-Holland. Deze Noord-Hollanders hadden geen aantoonbaar verband met de familie van Blekers en Bloembollenkwekers, en zijn dan ook niet opgenomen in de gepubliceerde stamboom.
    Het is beslist niet onmogelijk dat met de correspondentie van de drie neven en de ons thans bekende stamboom van Arien Bijvoet, weer nieuwe familieverbanden gevonden kunnen worden.


©-2003 Jan Buyvoets - laatste wijziging:      [disclaimer]