Vereniging van de familie Buijyvoets (of gelijkluidend) die als doel heeft onderzoek te doen naar
de stamboom en de geschiedenis van de familie en de resultaten ervan te publiceren op deze website.

Bijvoet & Byvoet Familie vzw

(B&BF)


Om een artikel te vinden vul dan hier een trefwoord in:

×

Fout

AutoTweet NG Component is not installed or not enabled. - /hermes/bosnaweb07a/b645/apo.fbyvoe34/bijvoet.org/content/plugins/system/autotweetcontent/autotweetcontent.php

Blekersfamilie Bijvoet te Bloemendaal

Het boek 'De blekersfamilie Bijvoet in Bloemendaal' van Wim Post beschrijft de blekersfamilie Bijvoet vanaf ongeveer 1670. Toen het vak van bleker rond 1800 uitgestorven raakte stapte de familie met succes over op het bloembollenvak.


Het boek over de blekersfamilie Bijvoet in bloemendaal

De familie is Wim Post zeer erkentelijk voor het jarenlange archiefonderzoek naar de blekersfamilie Bijvoet in Bloemendaal. Zijn werk is vastgelegd in het boek 'De blekersfamilie Bijvoet in Bloemendaal'. verschenen in 1981 bij uitgeverij Gottmer te Haarlem.

Hieronder is het voorwoord opgenomen die Wim Post bij het boek schreef en de voorkaft van het boek met daarop een deel van het schilderij 'Gezicht op Haarlem met blekerij aan de Bloemendaalseweg te Overveen' van Jacob I van Ruysdael (1629-1682).

VOORWOORD

De belangstelling voor mijn woonplaats Bloemendaal is niet beperkt gebleven tot 'plaatjes kijken', maar uitgelopen op jarenlang archiefonderzoek, waarbij bleek welke een grote rol de blekers in zijn geschiedenis hebben gespeeld.

Wie zich verdiept in de Bloemendaalse blekers, maakt al spoedig kennis met de Bijvoeten, eeuwen lang een van de belangrijkste blekerfamilies.
Zo belangrijk dat een aparte studie ervan wel gerechtvaardigd is; vooral ook omdat haar verhaal tevens veel vertelt van Bloemendaal in de bedoelde eeuwen.

Dat dit verhaal uiteindelijk deze inhoud en vorm heeft heeft gekregen, heb ik te danken aan de medewerking van vele archieven, van de gemeente Bloemendaal, de heren J.A.M. Bijvoet, P.P.W.J. van den Brink, R.H.F. Roosdorp, B.C. Sliggers en L. Uitendaal. Dat de lezers er evenveel plezier aan mogen beleven als ik tijdens mijn onderzoek.

Bloemendaal, april 1981 W.E.M. Post

 

De kaft van het boek met het schilderij van Jacob van Ruisdael met als titel "gezicht op Haarlem" (in de verte de Sint Bavo van Haarlem) met op de voorgrond de vermoedelijke blekerij van de familie Bijvoet.

kaftboekwimpost

 

MauritshuisRuysdaalHet schilderij is opgenomen in het museum Het Mauritshuis te Den Haag. De waarde van het schilderij wordt mede bepaald door de prachtige wolkenlucht.

Met excuses aan de schilder is in dit artikel de wolkenlucht weggelaten omdat het ons gaat om de laag bij de grondse blekerij.

Wim post woont (2005) aan de Korte Kleverlaan en kijkt daarbij uit op de nog steeds bestaande schoorsteen van de stoomwasserij van de familie Bijvoet. Deze 20 meter hoge schoorsteen is praktisch het enige overblijfsel van de blekersfamilie Bijvoet in Bloemendaal.

Het boek is niet meer verkrijgbaar (2013). Het is daarom belangrijk dit prachtige familieverhaal voor ons en onze nazaten goed te bewaren. Reden dat wij het boek hebben gescand en als pdf-file op onze website hebben opgenomen, zodat iedereen het al dan niet afgedrukt kan lezen. Bij het afdrukken is het wenselijk om het af te (laten) drukken met de oneven bladzijden rechts. Klik op onderstaande hyperlink:

De blekersfamilie Bijvoet in Bloemendaal

 Het duurt een tijd voordat het boek opent (10 MB)

Wim Post heeft in het boek niet alleen de blekersfamilie Bijvoet grandioos in het zonnetje gezet, maar vooral ook hun leefomgeving Bloemendaal. Interessant omdat daarmee ook hun leefomgeving tot leven komt.


In dit artikel willen we enkele zaken genoemd in het boek nader toelichten. Veel feitelijke gegevens in het boek over onze familieleden zijn direct bij de desbetreffende familieleden in de stamboom opgenomen.

Inhoudsopgave


Van vlas tot linnen

spinnewielVlas, en dan met name vezelvlas, wordt al eeuwenlang verbouwd voor de bereiding van linnen. Nadat het vlas geoogst is ondergaat het een aparte bewerking (rotingsproces) om lange zachte vezels te verkrijgen. Deze vezels worden gekamd (gekaard) om ze in dezelfde richting te leggen.

Door spinnen worden de losse vezels ineengedraaid tot dunne draad. Door het om elkaar heen draaien van de draden (twijnen) met een spintol, spinnewiel of in een spinnerij verkrijgt men sterk garen.

Tenslotte worden de garens geweefd (gewoven?) op een weefgetouw tot linnen.

Een doek (=waad) van linnen wordt 'lijnwaad' genoemd. Een lijnwaadblekerij is dus hetzelfde als een linnenblekerij.
Het proces wordt prachtig uitgebeeld op: http://www.hephorst.nl/VLINNENL.HTM

weefgetouw1678Katoen is een zachte, eencellige vezel, die uit de opperhuid (epidermis) van de zaden van de katoenplant (Gossypium) groeit. De vezels worden doorgaans tot draden gesponnen en als zodanig gebruikt om zacht, luchtdoorlatend textiel van te maken. Linnen stof is veel gladder dan een stof gemaakt van katoen, waarbij linnen ook nog 3 keer zo sterk is als katoen.

Industrieel gezien het belangrijkste was het bleken van lijnwaad. Daarna de garenbleek en er werd een beetje neergekeken op de klerenbleek. Een resolutie i 1774 van de Staten van Holland definieert: "..... waar grote blekers bedoeld zijn, spreekt de officieele taal over lijnwaadblekers of linnenblekers". Wettelijk was geregeld wanner het bleken mocht beginnen. In 1781 werd op verzoek van een aantal grote blekers onder de heerlijkheden bij Haarlem een verandering in deze data aangebracht bij resolutie van 17 mei 1781 door de Staten van Holland. Er waren vijf requestranten, waaronder Wed. L. Bijvoet en Zn. Het betreft hier de weduwe Agatha van Bemmel die met haar zoon de blekerij voortzette na het overlijden van haar man Lambert Bijvoet in 1761.


Werkwijze op de blekerij

Het doel van bleken is het linnen of garen met een roodachtige gele tint te veranderen in een prachtig wit product.

blekerijGehrelsIn het openluchtmuseum in Arnhem is de blekerij van de familie Gehrels uit Overveen opnieuw opgebouwd (zie bijgaande foto).

In het looghuis werd het linnen in koperen ketels samen met as (zuiver uitgegloeide as van naald - of eikenhout) en water verhit tot het kookpunt. De uitdrukking ''uitgekookt zijn'' is hiervan afkomstig.
Daarna werd het geloogde linnen meermalen gespoeld in houten kuipen tot het wit genoeg was. Dan werd het gewrongen in de bok, een apparaat dat buiten stond en waarmee het overtollige water uit het linnen werd geperst.

Op de bleekvelden, kort afgemaaide grasvelden, werd het linnen uitgelegd en van tijd tot tijd besproeid met het heldere duinwater met behulp van houten hoosspanen.

Door het zuren of melken werden de nog aanwezige kalkresten verwijderd en kreeg het linnen een beter kleur. Daarvoor werd melk gebruikt die eerst verzuurd was door verwarming in melktorens in het melkhuis.
Daarna werd het linnen weer gespoeld en gewrongen. Het doel van het blauwen was de gelige tint weg te krijgen. Er werd blauwsel voor gebruikt, een gemalen kobalt, dat in speciale blauwselmakerijen werd gemalen.
Tenslotte werd het linnen naar de droogberg of hang gebracht, meestal een hoog gelegen stuk duin, om het op hangpalen of stekken te laten drogen. Dan werd het opnieuw gewogen en verpakt in blauw papier verzonden. Het hele proces nam zo 'n twee tot drie maanden in beslag.
Het proces bij garen kwam globaal op hetzelfde neer.

Hoe de blekerij er 'buiten' uitzag is goed te zien in een detail uit eerdergenoemd schilderij van Jacob van Ruisdael.

detailschilderijRuisdael

Linksonder op het detail de droogberg. Duidelijk zijn de lange stroken linnen te zien op het bleekveld.

Van Ruisdael heeft het gezicht op Haarlem diverse keren geschilderd. Hieronder een schilderij vanuit een iets ander gezichtspunt. Ook hier hebben we de wolkenluchten (waar het de schilder om te doen was) heel oneerbiedig weggelaten.

View of Haarlem with Bleaching Grounds c1665 Ruisdael

Bron: 
Kunstenaar: Jacob van Ruisdael (1628/1629–1682)
Titel English: View of Haarlem with Bleaching Grounds
Datum: ca. 1665
Techniek: olieverf op doek
Afmetingen: Hoogte: 62,2 cm. Breedte: 55,2 cm.
Huidige locatie: Kunsthaus Zürich.


Haerlempjes met bleekvelden

In de 17e eeuw waren de schilderijen erg geliefd die vervaardigd waren vanaf de hoge duinen bij Bloemendaal met uitzicht op de bleekvelden en op de achtergrond de grote kerk Sint Bavo van Haarlem. Op de weblog Librariana zijn een 50-tal van deze zogenoemde Haerlempjes te bewonderen.

Haerlempjes met bleekvelden

https://ilibrariana.wordpress.com/2012/02/27/haerlempjes-met-bleekvelden/

 


Geschiedenis der Haarlemmer bleekerijen

De ‘Geschiedenis der Haarlemmer Bleekerijen’ is in 1936 geschreven door mevrouw Dr. Regtdoorzee Greup-Roldanus (biografie). Haar proefschrift behandelt alle aspecten van de blekerijen rond Haarlem. Wat allemaal uitgebreid aan de orde komt is niet op te sommen en kan het beste geïllustreerd worden door de inhoud van het boek hier weer te geven.

Kaft en inhoud: ‘Geschiedenis der Haarlemmer bleekerijen’.

Bij het doorlezen van het boek blijkt dat mevrouw Regtdoorzee enorm veel archieven heeft uitgeplozen voor haar dissertatie. Ze noemt echter praktisch geen namen van blekerijen of blekers en de naam ‘Bijvoet’ komt in haar boek ook niet voor. Dat was voor de drie neven uit Overveen dan ook de reden om het boek niet aan te schaffen. Wel hadden de drie neven persoonlijk contact met haar, omdat mevrouw Regtdoorzee bij het bestuderen van de vele archiefstukken uiteraard wel vaak de namen van de blekers Bijvoet tegenkwam en heel wat van hun bedrijf wist.
Haar naam komt dan ook vaak voor in het artikel: ‘De correspondentie van de drie neven’.


Landkaart Bloemendaal uit 1805

Kaart van de omstreeken der stad Haarlem van de Beverwijk tot Hillegom door Gt. van der Paauw Az [Haarlem], 1805

OverveenBloemendaal

Klik op de kaart voor een vergroting

Legenda:

  • 50 = 't Huis te Bloemendaal
  • 51 = Duin en Daal
  • 52 = Saxenburg
  • 61 = Schoonoord (latere residentie langs de Brouwersvaart van de bollenfamilie)

 

Stamboom van de blekers

De broers Lambert en Hendrik Bijvoet zijn geboren in Neerpelt en kwamen met hun ouders in Alkmaar terecht. De broers trouwden met twee zussen, namelijk Cornelia en Guertje Bra, dochters van de rijke bleker Claes Bra in Bloemendaal. Wij zeggen dan dat de broers in een gespreid bedje terecht gekomen zijn.

Verwezen wordt naar het artikel Van Neerpelt naar Overveen op onze website.

De stamboom van de blekers zoals in het boek van Wim Post is opgenomen:

blekersstamboom

 


 

Locatie van de blekerijen in Bloemendaal 

In het boek wordt op een mooie historische kaart de ligging aangegeven van de blekerij aan de Zomerzorgerlaan en de blekerij aan de Korte Kleverlaan.

De ligging van de blekerijen kan ook worden afgeleid door vergelijking van het schilderij van Van Ruysdael en een foto die 350 jaar later genomen is vanaf ongeveer hetzelfde punt. Zwaar uitvergroot is de kerk hieronder op het schilderij en op de foto naast elkaar weergegeven.

De Sint Bavo geschilderd door Van Ruisdael vanaf de blekerijen in Bloemendaal   De Sint Bavo op een foto genomen vanaf het Kopje van Bloemendaal
kerkdetail Ruijsdael   Kerkdetail kopje
Op dit sterk uitvergrote detail van het schilderij is te zien onder welke hoek de schilder de St. Bavo kerk in het centrum van Haarlem zag tijdens het schilderen van de blekerij.   Op Internet is een foto gevonden die iemand genomen heeft vanaf de uitzichttoren op het kopje in Bloemendaal. Sterk ingezoomd op St. Bavo kerk is deze daarop te zien onder ongeveer dezelfde hoek.

 

Op een recente plattegrond van Bloemendaal zijn beide blekerijen aangegeven en daarop is ook ingetekend de zichtlijn vanaf het kopje van Bloemendaal richting grote Sint Bavo in het centrum van Haarlem.

 

kaart bloemendaal2

Op de plattegrond zijn tevens ingetekend de niet meer bestaande hofsteden: het Huis te Aelbertsberg (Huis te Bloemendaal), Duin en Daal en Saxenburg. Door Monumentenzorg zijn de coördinaten gegeven van deze monumenten en met behulp hiervan zijn de monumenten op de kaart ingetekend.

Het uitzicht vanaf de hoge duinen in Bloemendaal was in die tijd grandioos. Het is dus geen wonder dat Van Ruisdael en ook Rembrandt in hier hun ezel neerzette. Met dank aan Google Maps is het hoogteverschil bepaald vanaf de duinen in Bloemendaal naar het centrum van Haarlem met de Sint Bavo. Het hoogteverschil blijkt 30 m.

hoogtelijn kopje Bavo

 


Alhoewel in het voorgaande "bewezen" is dat de blekerij zoals te zien op het schilderij van Van Ruisdael in het bezit van onze familie was, moet opgemerkt worden dat op de website van de familie De Clercq daarentegen gesteld wordt dat de afgebeelde blekerij eigendom was van de zwagers Clercq en Beeck.


 

De blekerij aan de Zomerzorgerlaan (1674 - 1788)

In die tijd hadden de meeste blekerijen een naam die iets vertelde over het blekersvak. Zomerzorg zinspeelt op de enorme zorgen waarvoor de bleker in de zomer kwam te staan. Het bleken was namelijk een seizoengebonden bedrijf en zeer afhankelijk van het weer. Als het zomers veel regende had dat funeste gevolgen voor het bleken, dus ook voor het inkomen.

Lambert Bijvoet (?-1674) huurde in 1671 de blekerij aan de Zomerzorgerlaan (zie de kaart hierboven). Deze grensde (niet toevallig) aan de blekerij van zijn schoonfamilie Bra welke al genoemd in 1499 en welke was gelegen op het voormalige landgoed Duin en Daal. Het gedeelte rechts van de blekerij aan de Zomerzorgerlaan (begrensd door Brederodelaan en Aelbertsbergweg) was weiland en is thans het hockeyveld van Bloemendaal.

Toen Lambert in 1674 overleed droeg zijn vrouw Cornelia Bra de huur van de blekerij over aan haar zwager Hendrik Bijvoet (?-1696) die getrouwd was met haar zus Guertje Bra. Kort daarna werd de blekerij door Hendrik gekocht.

Als Hendrik in 1696 overlijdt zet de weduwe Guertje Bra de blekerij voort met haar kinderen Claes (Nicolaus), Jan Hendriksz en Anna Bijvoet.

Om de familieverhoudingen niet uit het oog te verliezen hieronder een schema van de kinderen en kleinkinderen van Guertje Bra.

BijvoetBraSchema

Toen de weduwe Guertje Bra in 1696 haar testament liet opmaken was er nog sprake van drie kinderen om een erfenis na te laten, namelijk Claes, Jan en Anna. Bij haar overlijden in 1711 waren echter ook deze drie kinderen overleden en gingen haar bezittingen over in de handen van haar kleinkinderen.

  • De 7 kinderen van Jan erven ondermeer de blekerij aan de Zomerzorgerlaan (fl. 9.710).
  • De 3 kinderen van Nicolaus erven ondermeer een woning aan de Nieuwe Gracht in Haarlem (fl. 9.600).

Anna had blijkbaar geen kinderen.


De kinderen van Jan die de blekerij van hun grootpouders voortzette waren Nicolaes (1703-1736), Pieter (1700-1745) en Lambert (1705-1761). Zij waren bij het overlijden van hun grootmoeder nog minderjarig en de daadwerkelijke deelname aan de werkzaamheden op de blekerij was dus jaren later.

Pieter Bijvoet koopt op 8 mei 1731 de helft van de blauwselmakerij van Bartel Gillisz. de Nijs voor een bedrag van 1572 gulden (RAN-H, O.R.nr. 1076, 8-5-1731). Bartel was twee jaar tevoren alleen-eigenaar geworden van de blauwselmakerij, maar had daarmee mogelijk teveel hooi op zijn vork genomen.

In Bloemendaal Blauwsellust in de 'Voorbuurt'. et oudste buurtje van Bloemendaal aan de Bloemendaalseweg, tussen de Mollaan en de Potgieterweg. De blauwselfabriek nam in 17e, 18e en 19e eeuw een belangrijke plaats in in dit buurtje.

blauwselfabriek

Blauwselfabriek Blauwsellust te Bloemendaal

De blauwselfabriek omvatte: "Een huis, erve en tuin met was-, pak-, werkhuis, paardestal en wagenhuis geappropieerd tot een Blauwselmakerije staende en leggende tot Aelbertsberg in de Buurt. Nogh de helft in een stuk hooij als weijlant met den opstal daer op staende geleegen agter de voorsz. blauselmaekerije, groot drie morgen drie hondert roeden, waervan de heer verkoper de wederhelft toebehoort". In 1842 werd het gebouw Blauwsellust afgebroken.

Bron: Artikel van Wim Post in Ons Bloemendaal, 1-10-1996, pagina 14 e.v.

Nicolaes (Claes) overleed in 1736 en werd zijn deel van de blekerij voortgezet door zijn zoon Jan Klaasz (1729-1788).
Lambert verkocht in 1744 zijn deel van de blekerij aan Pieter en begon een eigen blekerij aan de Korte Kleverlaan (zie volgende paragraaf).

Dus in 1744 was Pieter Bijvoet (44 jaar) en zijn neefje Jan Klaasz Bijvoet (16 jaar) werkzaam op de blekerij.

Rond 1745 waren de ingredienten voor de behandeling van het linnen zeer schaars en duur. In het gemeentearchief van Amsterdam (archief Brandts nr.355) bevindt zich een brief gedateerd 10-7-1745 waarin Pieter een van zijn opdrachtgevers gerust dat dit geen invloed zal hebben op de kwaliteit van het te bleken linnen. Deze klant was Jan Isaac de Neufville, een rijke handelaar in Amsterdam. Een van de familieleden van Jan de Neufville is nog eigenaar geweest van de buitenplaats Schoonoord, dat later aangekocht is door onze familie.

Opvallend mooi is het handschrift van Pieter Bijvoet. Hiernaast de adressering op de enveloppe van de brief. Door op de afbeelding te klikken kan de gehele brief worden gelezen.

pieterbriefenveloppe

Door de prachtige oud-nederlandse spelling en de wijze van uitdrukken is de inhoud van de brief soms moeilijk te begrijpen. Jaap Bijvoet (1903-1979) "vertaalde" de brief in meer begrijpelijk Nederlands.

Mijnheer De Heer Jan Isaac de Neufville & Comp. Amsterdam

Bloemendaal, 10.7.1745

Dit schrijven dient tot een vriendelijk verzoek of U zo goed wilt zijn om ons de kist weed-as op te zenden.
Ik hoop evenwel dat U mij deze niet leeg zal terug bezorgen, daar dit niet volgens de beloften van de heer Vermeulen zou zijn.
Ik zal trachten om U zo goed en zo prompt mogelijk te bedienen als iemand waarop U staat kunt maken.

Wat aangaat de melk: ofschoon die nu wat schaars is, kan ik die, evenals een van mijn buren, voldoende krijgen. En zal dan ook alle middelen aanwenden om mijn klanten zo goed mogelijk te bedienen en tevreden te stellen. Zal hieraan dan ook niets minder doen dan als in andere jaren, ofschoon de winst nu niet zo groot zal zijn.

Zo hoop ik dat de Hemel ons komende jaren zal helpen aan weer voldoende grondstof voor het bleken van linnen.

Ik houd mij aanbevolen voor uw goede gunst en recommandatie, en na minsaeme groetenisse en U steeds gaarne van dienst zijnde, zo teken ik Mijnheer,

Uw dienaar, Pieter Bijvoet

  • melk was schaars en duur door het heersen van de vee-pest in deze omgeving
  • Weed-as is potas of kaliumcarbonaat waaruit een sterk werkend zeep product werd verkregen en werd gebruikt bij het bleekproces.

De familie De Neufville was een rijke koopmansfamilie. Ze zijn afkomstig uit Antwerpen en in de 16e eeuw vanwege de Spaanse Furie gevlucht naar Haarlem. In de 17e eeuw verhuisden ze naar Amsterdam. In een apart artikel de achtergronden van deze familie, de handelsfirma van Jan Isaac en het droevige leven van zijn zuster Maria.

Jan Isaac de Neufville


1738 was voor Pieter een bewogen jaar. Op 19 februari 1738 trouwde hij met Catharina Kelders Op 8 maart 1738 schreef hij zijn testament waarbij de notaris aantekende:

.......hy, ziek te bedde leggende, en hy verstand en uytspraak wel hebbende en gebruykende, dewelke in aanmerking van de seeckerheid en onbekende uure des doods ........ 

Pieter overleed 7 jaar later op 29 oktober 1745. De weduwe van Pieter Bijvoet en hun dochter weigerden de erfenis. Mogelijk had dit te maken met de erfenisverdeling. Juist in tijd hadden de blekers problemen zoals hierboven omschreven en klaagden over de langzame betalingen van hun klanten. De blekerijen hadden moeite met het taxeren van de nog te ontvangen gelden en de meeste blekers hadden enorme posten uitstaan. Mogelijk dat de waardering van het vermogen de erfenisverdeling in de weg stond.

Twee jaar later werd het deel van Pieter Bijvoet van de blekerij verkocht aan zijn oom Jacob Bra en zijn zoon Pieter.

Pieter Bra en Bijvoet

Een tijdje daarna werden deze bleekvelden in weiland omgezet.

 

De familie Decker was evenals de familie De Neufville vanuit Antwerpen gevlucht naar Haarlem en na stijgende welvaart ook verhuisd naar Amsterdam. In Bloemendaal had de familie Decker een blekerij. Matthijs Decker emigreerde naar Engeland, klom daar op tot de hoogste kringen en werd Sir Matthew Decker.

Op 70 jarige leeftijd bracht Matthew Decker in de zomer van 1748 een bezoek aan zijn vaderland en bezocht op hun buitenverblijven de stadhouder, vele burgermeesters, rijke kooplieden en invloedrijke regenten. Deze bezoeken werden uitgebreid beschreven in zijn dagboek. Ook bezocht hij "mijn neef De Bra" in Bloemendaal.

Deze neef De Bra is volgens ons Pieter de Bra die de blekerij van zijn neef Pieter Bijvoet had gekocht.

De beschrijving van dit bezoek was aanleiding om onze familiehistorie wat meer uit te diepen aan de hand van:

Dagboek van Sir Matthew Decker

In 1777 werd een deel van de blekerij van de familie Bra teruggekocht door Jan Klaasz Bijvoet (1729-1788) en hij was het die als laatste aan de Zomerzorgerlaan bleekte. Hij was het ook die de blekerij de naam Zomerzorg gaf waarnaar de Zomerzorgerlaan is genoemd. Dat juist hij de naam "Zomerzorg" gaf aan de blekerij betekent waarschijnlijk dat ook hij de zorgen voelde voor het weer in de zomer voor zijn bedrijf. Na het overlijden van Jan Klaasz in 1788 werd de blekerij door zijn weduwe Maria Soutman verkocht.

In de archieven zijn vaak testamenten te vinden waarbij naar vaak aanzienlijke erfenissen werden beschreven. Ook het boek bevat vaak een bloemlezing uit deze nalatenschappen.
Rond 1900 werden in de omgeving diverse wegen aangelegd zoals de Jozef Israëlsweg, de Arnoldlaan, en de Hoge-, Midden- en Lage Duin en Daalseweg. Vele luxe villa's werden toen hier gebouwd.


 

De blekerij aan de Korte Kleverlaan (1750-1900)

Lambert Bijvoet werkte oorspronkelijk met zijn broer Pieter op de blekerij aan de Zomerzorgerlaan. Hij trouwde in 1736 met Agatha van Bemmel (1712-1797); het bruiloftsgedicht is bewaard gebleven en in het boek van Wim Post opgenomen. De vader van Agatha (Anthony van Bemmel) was houtkoper, woonde in de Grote Houtstraat in Haarlem en bezat een houtzagerij met de paltrokmolen 'De Hoop' op de hoek van het Spaarne-Vuilrak.

Frappant is dat Lambert in 1736 trouwde met de dochter van Anthony van Bemmel, en dat in hetzelfde jaar zijn schoonvader zijn zus Maria als tweede echtgenote trouwde.

Toen Lambert Bijvoet (1705-1761) in 1744 van de zuster van zijn moeder een deel van de blekerij erfde, verkocht hij zijn deel aan zijn broer Pieter Bijvoet (1700-1745). Als omschreven bij het overlijden van Pieter in 1745 gaf de erfenisverdeling van Pieter problemen.

In 1750 kocht Lambert een bestaande blekerij aan de (Korte) Kleverlaan. 

De locatie van de blekerij aan de Kleverlaan is ook hier weer te zien op een schilderij van Jac. van Ruysdael (1629-1682). Het schilderij is te vinden in het prachtige museum Jacquemart-André in Parijs. Ook hier zijn in dit detail (heel oneerbiedig) de kenmerkende wolkenluchten van Jac. van Ruysdael schilderijen weggelaten.

blekerij kleverlaan

Op de voorgrond de blekerij met in het midden (nauwelijks zichtbaar) de te bleken stroken linnen. In het midden naar de achtergrond de met bomen omzoomde Kleverlaan die leidt naar Haarlem-Noord (Schoten). Aan het eind van de Kleverlaan ziet men de ruïne van het Huis ter Kleef dat tegenwoodig verscholen ligt in de stadskweektuin van Haarlem (nabij het kerkhof en de Ripperda kazerne).


 

Na het overlijden van Lambert in 1761 werd de blekerij voortgezet door zijn echtgenote Agatha van Bemmel (1712-1797) met haar zoon Jan (1739-1804) . Agatha breidde de blekerij flink uit, onder andere met een grote strook grond ten noorden van de Kleverlaan tot aan de huidige randweg van Haarlem (Delftlaan). Na het overlijden van Agatha in 1797 werden haar bezittingen verkocht. In hetzelfde jaar 1797 trouwde haar zoon Jan met de uit Haarlem afkomstige Helena van Geenen. Het jaar daarop in 1798 werd door hem de blekerij aan de Korte Kleverlaan verkocht aan Nicolaas Bijvoet Antsz (1770-1806), zoon van zijn broer Anthonie Bijvoet die makelaar was in Amsterdam. Nicolaas was getrouwd met Agatha van Dieren (1775-1857), dochter van de bleker Jan van Dieren.

Een geschilderd schoorsteenstuk stelt hun blekerij voor aan de Korte Kleverlaan. Dit bleektafereel met op de achtergrond de bleekvelden , is waarschijnlijk eind 18e eeuw geschilderd.
Het schoorsteenstuk is nog in het bezit van de familie en op de ledenvergadering van de B&BFin 2013 toonde Paul Bijvoet een foto van het schoorsteenstuk (doek 42 x 91 cm).

schoorsteenstuk

Op de voorgrond is links weergegeven het loog- of washuis, in het midden de spoel en rechts het rad of de wringer. Geheel rechts de theekoepel met op de voorgrond waarschijnlijk Nicolaas Bijvoet.

Paul Bijvoet vond in 2013 in het Noord Hollands Archief onderstaande prachtige tekening van de Lijnwaadblekerij "Bleeklust" van de weduwe Louis Gunst aan de Glip. Later veranderde de naam in "Gliphoeve". Deze blekerij was gelegen aan de Glipperweg te Heemstede. "De Glip" is een buurtschap ten zuiden van Heemstede. Paul vermoedt dat het schoorsteenstuk dan ook geschilderd is naar deze tekening.

LijnwaadblekerijBleeklust

De tekening is te vinden in het Noord-Hollandsarchief en gepubliceerd op de beeldbank.
http://www.beeldbank.noord-hollandsarchief.nl/


 

Weeteren Van DierenAgatha van Dieren BijvoetNa het vroege overlijden van Nicolaas Bijvoet in 1806 heeft zijn echtgenote Agatha van Dieren (1775-1857) de blekerij nog 25 jaren tot 1834 zelfstandig voortgezet. In 1812 werd onder Napoleon de Burgerlijke Stand ingevoerd en bij de inschrijving nam zij de achternaam van haar man erbij, vandaar de naam Agatha van Dieren-Bijvoet.

Dat de familie onder het bewind van Agatha van Dieren-Bijvoet in goede doen was moge blijken uit bijvoorbeeld de vakantiereis die de familie maakte in 1823 naar Londen. In nevenstaande stamboom zijn roodomrand de familieleden weergegeven die deze vakantiereis maakten. George Reekers maakte van deze reis een prachtige prozaisch verslag. Op onze website is een apart artikel gewijd aan deze reis, getiteld:

Vacantiereis naar Londen in 1823

 


 

Na het overlijden van Agatha in 1857 was alleen haar zoon Joannes Hendrikus Bijvoet (1799-1869) nog werkzaam op de blekerij. Hij was tevens bloemist, dus vermoedelijk werden ook bloembollen geplant op de blekerij.
In 1857 werd de zoon van Johannes, Johannes Martius Van Dieren-Bijvoet (1825-1885) alleeneigenaar van de kleerblekerij. Hij liet nog een twaalftal arbeiderswoningen bouwen aan de Kleverlaan.
Zijn zoon Wilhelmus Petrus Henricus van Dieren-Bijvoet (1857-1927) die daarna de blekerij erfde kocht nog weilanden aan de Kleverlaan, daar waar nu de ijsbaan is gevestigd.


 

In wezen kan het jaar 1900 dus enigszins worden beschouwd als het einde van de blekerij aan de Korte Kleverlaan. In ieder geval waren de bleekvelden uit de tijd en werden meer en meer 'omgebouwd' tot bollenvelden.

Zo was Joannes Hendrikus Bijvoet naast bleker tevens bloemist. Zijn broer Antonie Bijvoet (1801-1878) zag meer toekomst in het bollenvak. Samen met zijn broer Johannes was hij een van de oprichters van Gebroeders Bijvoet in 1824.

De blekersfamilie werd steeds meer een bollenfamilie en bleef dat weer generaties lang. Over Gebroeders Bijvoet is dan ook weer een apart boek te schrijven. Op onze website wordt dan ook verwezen naar het artikel:

Het bloembollenbedrijf Gebroeders Bijvoet te Overveen


 

De stoomwasscherij N.V. Bijvoet en Zn

luchtfoto

Aangezien het tijdperk van de aloude blekerijen ten einde liep liet Wilhelmus Petrus Henricus van Dieren-Bijvoet (1857-1927) in 1891 een stoomwasserij bouwen. Deze stoomblekerij werd gebouwd op de voormalige blekerij tussen de Korte Kleverlaan en de Bloemendaalse weg. Toen de wasserij gereedgekomen was werden in 1900 de overgebleven blekerijgronden verkocht voor bebouwing.

De stoomwasserij werd gebouwd op de grond waar de blekerij 150 jaar geleden was begonnen. Namelijk het gebied tussen de Korte Kleverlaan en de Bloemendaalse weg.

Op een luchtfoto van omstreeks 1925 is op de voorgrond het wit afstekende dak van de wasserij zichtbaar. Rechts van het gebouw de vrijstaande schoorsteen van de wasserij.
Aan de rechterzide de gebogen Korte Kleverlaan en aan de linkerkant

In de volksmond stond Willem bekend als Baron Zeepsop. Hij liet zijn naam uitspreken als Bi-vo-è. Hij droeg altijd witte slobkousen en een dasspeld met de afbeelding van een paard, een van zijn grootste liefhebberijen.

In 1932 werd de wasserij door een grote brand verwoest. Alleen de lange vrijstaande schoorsteen overleefde ramp. Bij de Bloemendaalse brandweer ging deze brand de geschiedenis in als een der grootste in haar bestaan.

De verzekering dekte de schade, met als voorwaarde dat het nieuw te bouwen bedrijf op dezelfde fundamenten zou worden gebouwd wat ook is gebeurd. In de oorlogsjaren 1940-1945 lag de fabriek stil. Toen in 1944 de bezetters de machines er uit sloopten betekende dit het einde van de blekerij-wasserij.

Zie ook het artikel op onze website: Stoomwasscherij Bijvoet N.V.


 

Blekers begraven binnen de kerk van Bloemendaal

Dorpskerk BloemendaalGegevens over deze dorpskerk zijn te vinden op de website van de Stichting Vrienden van de Dorpskerk te Bloemendaal: http://www.dorpskerkbloemendaal.nl.

In 1632 besloten Bloemendaalse buitenplaatsbezitters tot het bouwen van een kerk in het dorp Bloemendaal. Ook de Bloemendalers zelf wensten een "Predikhuys". De eerste gemeenteleden waren linnenblekers en tuinlieden. Op 25 maart 1636 werd de eerste kerkdienst gehouden in het kerkje, dat speciaal voor de hervormde eredienst was gebouwd. Rondom de kerk kwam het kerkhof met aan de ene kant de pastorie en aan de andere kant de diaconieschool met het huis van de schoolmeester. De mooie kerk is gelegen aan het idyllische Kerkplein in Bloemendaal. Rondom het Kerkplein staan eeuwenoude huizen waar mogelijk ook bleker Bijvoet heeft gewoond.

Wie wil dit onderzoeken in het Kadaster in Haarlem?

De kerk is gelegen aan het Kerkplein in Bloemendaal. Als lidmaten van deze gereformeerde gemeente vinden we alleen onze aangetrouwde familie Bra. Rond 1660 trouwden de gebroeders Lambert en Hendrik Bijvoet met de gezusters Bra uit Bloemendaal (bij Overveen). Vader Claes Reyersz Bra bezat toen al een grote blekerij in Bloemedaal.

Toch mag niet geconcludeerd worden dat ook de Bijvoet lidmaten waren van de Gereformeerde Gemeente. In het lidmatenregister is geen enkele 'Bijvoet' te bekennen. In het grafboek van de kerk komen echter wel veel 'Bijvoeten' voor. In die tijd niet zo verwonderlijk dat ook katholieken in een gereformeerde kerk werden begraven.
Dit wordt nog ondersteund door het bijzondere feit dat in 1697 (dus 60 jaar na de gereformeerde kerk) de RK statie te Overveen werd gebouwd en de eerste pastoor Arnoldus Hodenpijl in een familiegraf van de familie Bijvoet in deze gereformeerde kerk werd bijgezet.
Zie ook het artikel over Schoonoord.

Gegevens over de begravenen in Bloemendaal zijn te vinden in de DTB registers vanaf de jaren 1671. De voor ons prachtige website www.genver.nl bevat onnoemelijk veel DTB registers die in 1963 door de Mormonen in hoge resolutie zijn gescand zijn bij het CBG in Den Haag.

1741-doodgevondenopdewegHet doornemen van een grafboek uit de 17e eeuw is een bijzondere ervaring. Men komt aantekeningen tegen zoals weergegeven in bijgaande schermfoto. Ook krijgt men de kriebels om bijvoorbeeld te lezen in de vaktermen van een doodgraver: "Bleef hangen op 2".

Bijzonder is dat onze familieleden (familie)graven bezaten binnen in de kerk.

De nummering van de graven was met een plattegrondtekening zoals hiernaast afgebeeld in het grafboek opgenomen.

Hieronder de naamlijst van de begravenen in graf nummer 79.

grafnummer79

GrafnummersDorpskerkBloemendaal
namenlijst kerkgraven

De volledige lijst met begraven familieleden in deze kerk is weergegeven in nevenstaand overzicht.

 

Bij graf 79 kan het volgende worden opgemerkt:

1) Het kind van Jan Bijvoet blijkt Agatha Bijvoet (1698-1703)

2) Arnoldus Hodenpijl is geen familie, maar de eerste katholieke pastoor van de statie in Overveen die in 1697 in gebruik werd genomen. Hieruit concluderen we de nauwe verbondenheid van onze familie met de katholieke kerk. Voor de statie in Overveen wordt verwezen naar het artikel Huize Schoonoord te Overveen.

3) Twee jonggestorven kinderen van het echtpaar Van Opmeer - Bijvoet (Maria).
De onbegrijpelijke structuur van de familiegraven wordt veroorzaakt doordat Maria Bijvoet 4x getrouwd is geweest, namelijk met Van Opmeer, Van Campen, Van Bemmel en Soutman.

Familieleden die in de buurt van Bloemendaal wonen worden verzocht eens ter plaatse op onderzoek uit te gaan. Ze kunnen bijvoorbeeld contact opnemen met eerdergenoemde stichting (http://www.dorpskerkbloemendaal.nl). Resultaten kunnen worden gezonden aan Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.. Het zou mooi zijn foto's van deze familiegraven op te kunnen nemen op onze website.

 

Copyright © 2018 Bijvoet & Byvoet Familie vzw